Skippy dies

Skippy and Ruprecht are having a doughnut-eating race when Skippy turns purple and falls off his chair.

You could say that this is the school/teenager version of Everything I Never Told You: someone dies, the reader learns about all the lives connected to and entwined with the death character.
But that would ignore a large number of differences, so let’s just keep the second part of the sentence. Skippy’s dying isn’t a large part of Skippy Dies, really.

The reader moves around Seabrook College, following some of the students and staff. Male teenagers of every age, with the familiar (male) teenage problems.
But there’s never just one dimension when there’s humans involved, and Paul Murray slowly peels away all the layers. Illnesses, abuse, shame, and is the reader supposed to change their judgment of character because of them or not? What does that say about our view of the world?
Of course there’s coolness, girls and futures to worry about as well. The characters are frustratingly human, rooting for them sometimes only possible because of how the story moves them.

I finished the book with a final sprint of the last 200 pages and am still a bit subdued. Skippy Dies isn’t a 600 page sob story about the decline of the (educational) world, but it definitely does remind you of all the sides of a person we never/barely see, yet shouldn’t forget about.

Skippy Dies, Paul Murray, Faber and Faber 2010

Just In Case

The view is fine up here.

Dit was helemaal niet wat ik had verwacht. Er was geen kafttekst en geen bonnetje aan de binnenkant maar ach, het stond in de YA kast en de eerste pagina sprak best aan. Kom maar op dan, het kan alleen maar tegenvallen. En verrassen dus, op het onaangename af.

David maakt iets mee waardoor hij er van overtuigd raakt dat Het Lot het op hem gemunt heeft. Hij verandert zijn naam (Justin) en zijn kledingstijl in de hoop onder de radar te blijven. Een onzichtbare hond en instabiele relaties volgen. Voor een lange tijd laat Rosof het onduidelijk of Justin nu gek is, gelijk heeft, of mentaal aan het lijden is.

Wat wel frappant is, is hoe bijna heel zijn omgeving toelaat dat hij steeds verder ontravelt. Zijn ouders hebben een baby, dus dat hun oudste bij andere mensen slaapt en zijn naam heeft gewijzigd? Och. De ouders van een vriend waar hij blijft? Oh, ja hoor. Niemand die eens tijd investeert in die arme jongen. Behalve zijn jongere broertje, maar die wordt door niemand begrepen.

Het is ruwer en ongemakkelijker en verdrietiger dan verwacht van “maar een YA”, bijna thriller-achtig om sommige momenten. Voor de meer robuuste lezer.

Just In Case, Meg Rosoff, Penguin Books 2006