Albatross

“Would you mind if I measured your extremities?”

Never thought that I’d be disgruntled by a happy ever after, but here we are.

The nice things about this story: a love for fountain pens, writing, language and for the majority of the time a very grounded few of oneself of the protagonist. It starts out as a fun, coming-of-age story with a weird quirk. No, I don’t give a toss about golf, but thankfully the protagonist recognises that and doesn’t bother the reader too long with descriptions of the game. One of the side-characters is completely annoying and would never get the function he has in real life with such behaviour, but soit. Fiction.

The albatross of the story is Adam. His teacher takes his measurements and – by calculating them through a random study by annoying side-character – discovers that he is a golf talent. Golf success follows, even though Adam doesn’t care about the game at all. The money doesn’t hurt though, and that’s largely his motivation for making the decisions he makes.

At first Adam is baffled by all of it, but he all too soon and smoothly takes it all in, and from that part on – there’s just not much to the story. He gets everything he wants, life moves in the direction he wants, his love story finishes the way he wants to … it’s all quite dull.

And this is just partially coming from a place of jealousy.

Albatross, Terry Fallis, McClelland & Stewart 2019

Mermaid

Je bent er nog niet klaar voor, mijn kind.

Ik ben een sucker voor mythologie en zeker hervertellingen er van. Deze keer duldde ik er zelfs een vertaling voor. En het stelde niet eens teleur.

Mermaid (waarom is de titel half in het Nederlands en half in het Engels?) is een variatie op het verhaal van de kleine zeemeermin, en dan dichter bij het origineel (veel pijn, veel verdriet) dan dat van Disney, en dan ook nog met een boel inzichten.

Omdat dit een realistische (ja, ondanks de meerminnen) variatie is, zijn die inzichten niet al te luchtig en fijn. Hoofdpersoon Gaia mag dan pas vijftien zijn, de schellen vallen haar wel heel snel van de ogen, en dan was ze om te beginnen al niet zo naïef.

Hierdoor is Mermaid een sprookje zoals ze vroeger werden gemaakt – om van te leren. In dit geval met zeer pijnlijke voeten en een bittere conclusie, maar desalniettemin een Wijze Les die zeker voor deze doelgroep zeer nuttig kan zijn. En dan was de er omheen-gebouwde wereld nog aantrekkelijk ook.

Mermaid – Dromen van het onmogelijke, Louise O’Neill, Young & Awesome 2018

Shaft

112 min.

This was honestly more fun than I had expected. When you want dumb action-y entertainment, it usually comes with a lot of misogyny, a couple of -isms, and much too long fight scenes.

shaft film 2019It’s not like Shaft (I think this is the second one?) goes completely without these issues: there’s two women with speaking roles and they’re firmly set in the roles of mother and/or love interest. There’s not that many fight scenes but I still zoned out during the ones that are ‘serious’ (opposed to one-sided to show how Shaft Shaft is). And Shaft being black doesn’t prevent him from saying quite some ‘yikes’ things about the villains: people with a Middle-Eastern background.

But. It’s more than the music and the tempo and the lack of ten minute long fight scenes. It’s all very smooth and cool enough to not notice the issues mentioned. It’s Samuel Jackson and Jessie T. Usher smarming and charming. It’s the right vibe without looking dated.

And it doesn’t all that long, so you don’t get too much time to find (more) complaints about it.

Shaft, Newline Cinema 2019

Toni Erdmann

162 min.

162 minuten van mijn leven die ik nooit meer terug zal krijgen. Was het zo erg? Ach, niet helemaal, maar wel genoeg om er spijt van te hebben.

toni erdmann posterDe tijd moet vast gebruikt worden om vast te leggen dat de relatie tussen vader en dochter niet normaal zijn. Vader is een vreemde vogel met grappen die lang niet altijd grappig zijn, dochter is een zakenvrouw. Waarom ze echter een licht-sociaal-onhandige vrouw is – buiten zo’n vader om – wordt niet uitgelegd. Zij mag sowieso de motivatie en inspiratie zijn van vader, maar krijgt zelf niet veel verder de ruimte dan ‘denkt alleen aan werk’.

Oké, misschien is dat omdat het zijn film is, misschien zoek ik balans waar die niet is. Maar ook Winfried (de film legt het wel uit) laat weinig zien waardoor de kijker sympathie voor hem kan voelen, of op z’n minst begrijpen waarom hij op deze manier door het leven gaat. Nu is hij weinig meer dan de clown die hij uithangt, en clowns worden snel vervelend.

Ik hoop dat die arme Ines de controle over haar leven weer terug heeft gekregen.

Toni Erdmann, Missing Link Films 2016

 

I Am Mother

113 min.

When you first critique lands about ten minutes in, it’s hard to not view a film without bias. Why is everyone involved white, even the people in the ‘old-timey’ videos the main character views?

I Am Mother posterThen there’s the non-nuanced use of the soundtrack. A good soundtrack builds upon the scene, sharpens the emotions you are already feeling. In this case we got THINGS ARE SCARY pressed upon you while things weren’t all that scary. Or emotional. And lights flickering with no reason don’t mean that we’re worried either, just that we want an explanation about wiring suddenly being faulty when we’re looking for someone.

Is there anything nice to be said about this film? Not really – maybe that with small tweaks it could at least be a commentary on sovereign AI and its relationship with humanity, but that’s been done before – and better – as well. Even the explanation of the things happening is extremely unclear – did I nod off somewhere along the almost two hour ride?

So all in all, it’s just not much of anything. If someone’s mid-parting is the thing I’m irked about most, it doesn’t say any good about the plot. You can’t replace it with music bits either, nor flickering lights.

Good thing about all this is that at least it’s an utterly disbelieving dystopia: more sensible humans would have given up before any AI could get involved.

I Am Mother, Netflix 2019

 

The Au Pair

We have no photographs of our early days, Danny and I.

Right up my alley, this one. Family secrets, a tinge of the supernatural and people using lipstick to write on mirrors.

After a death in the family, Seraphine discovers a photograph that makes her doubt her family history. She’s always felt different (isn’t that how it always starts?), and now feels like she can finally turn that feeling into something solid.

Good thing she still lives in her family home and plenty of hints are quite easily found. Is it witches, fairies, or just the cute little villagers that had always enjoyed a good gossip about the weirdos in Summerbourne house?

We are strung along just a tad too long, but the decorations along the way are fun enough to not be very disgruntled about it. In less than 300 pages Emma Rous sets up an entertaining tent with solid poles keeping up a well-set story. If there would have been more room for the supernatural, I would have given it an extra star.

The Au Pair, Emma Rous, Penguin Random House 2018

An Ocean of Minutes

People wishing to time travel go to Houston Intercontinental Airport.

Is dystopia less scary to me when it happens in the past? For someone that doesn’t like dystopian stories, this is the second one I read in two months.

This time it’s an epidemic and time travel that gets us where we end up; although – we end up in the past. The protagonist is sent into the future from the eighties, and ends up in 1998. Oof, isn’t that an awful long time ago?

Of course, because that’s how it goes, things go quite awry, and Polly has to adjust not just to a new time, but to new surroundings and societal rules. This being a dystopian story – things didn’t improve.

The twist of this story – it masquerading as a love and time travel story, while it really isn’t – is also the most appealing feature of it. Besides that it’s too muted, lamenting and passive to feel anything but a tinge of relief of having finished this.

An Ocean of Minutes, Thea Lim, Penguin Random House 2018

The Square

108 min.

Het is alweer bijna tien jaar geleden dat Egyptenaren Tahrir square overnamen in de hoop op een revolutie die naar een betere samenleving zou leiden. In deze documentaire wordt zichtbaar hoe dat ging, en hoe dat fout ging.

the square posterWat ook nadrukkelijk zichtbaar wordt, is wat wij hier allemaal maar aannemen als gewoon, en dat niemand van de gefilmde protesteerders om veel vragen. Men wilt geen basisinkomen, gratis elektrische auto of luxe appartement in het centrum van de stad. Nee, de Egyptenaren vragen om brood, gelijkheid, de kans om als een eervol lid van de maatschappij beschouwd te worden, in plaats van steeds maar weer omlaag getrapt te worden. Ze vragen om een einde van corruptie.

Naarmate de revolutie verloopt, zie je ook de naïviteit langzaam verdwijnen. Zó’n verenigd blok zijn de mensen ook weer niet, en sommigen kiezen de makkelijkste weg in plaats van de meest hoopvolle. Maar ook hier het punt: makkelijk oordelen vanuit onze veilige invalshoek.

Mensen zijn vermoord door de overheid die hen zou moeten beschermen, omdat ze om beter vroegen. Maar een klein beetje beter. The Square draait daar niet omheen en weigert ook andere partijen de schuld kwijt te schelden. Het is een verlammende documentaire; deze geschiedenis is nog zo recent en alweer zo ver vergeten door hen die er geen onderdeel van zijn.

‘Viva la revolucion’ wereldwijd, zolang ze maar te behappen is. Want wie weet nu hoe het tegenwoordig in Egypte is?

The Square, Netflix 2013

Ons soort Amerika

Ik heb de verkeerde kinderwagen gekocht.

Pfwa, maar weer bewijs dat je niet altijd de recensies moet geloven. Aan de andere kant: props voor de recensie die dit boek zo aantrekkelijk maakte. Net alsof niet iedereen het kan (ij .red).

Nu is elke recensie persoonlijk, hoe professioneel dan ook. Misschien was het niet meeslepend voor mij omdat ik geen witte man en vader ben, en zelf ook onderdeel van het Amerikaans dagelijks leven ben geweest. Misschien heb ik over de delen heen gelezen die ik verwachtte (lekker Amerikaanse aapjes kijken) omdat ik op den duur een beetje ‘zoned out’ raakte door weer een hoofdstuk dat begon met hem achter de kinderwagen.

Aan het einde van het boek vraagt Anton zich niet af waarom hij niet meer heeft gedaan, en ik ook. Met twee jonge kinderen is er niet de vrijheid om á la Leaving Las Vegas los te gaan in de VS, maar deze man is niet verder gekomen dan de koffiezaak.

Ik vermoed dat de ‘ons’ uit de titel de witte bevolking van Cambridge is. Wat zij van Amerika vinden – op wat wegwerpzinnen na – is na 200 pagina’s niet bepaald uitgediept.

Ons soort Amerika, Anton Stolwijk, Prometheus 2018

Don’t You Forget About Me

Tapton School, Sheffield, 2007

‘You loved me – then what right had you to leave me?

Ah, delicious by-the-numbers contemporary romance with just a few reminders of real life to not make it saccharine sweet. My kind of romance.

Boy meets girl, they fall in love, it’s the end of high school – fade out. Man meets woman, claims he absolutely can not remember her, even though she recognises him straight away. What’s going on? What happened during the fade out? And why is her mother less-than-supportive about pretty much everything she does?

Don’t You Forget About Me hits all the spots in chronological order, has the fun friends/side kicks (pleasantly fleshed out, that doesn’t always happen), and a few laugh-out-loud laughs.

Main Georgina sells it, though. Her frustrations, fears and self-doubt never get navelgazy or woe-is-me, but are (too) recognisable. She’s for the single women in their thirties, with the shitty job and the feeling of being without direction but unable to find the compass either.

I read McFarlane’s Who’s That Girl? before, and think I can conclude that for fun, romantic, quick-to-read time this author is a good fit.

Don’t You Forget About Me, Mhairi McFarlane, HarperCollins 2019