Foster

113 min.

Documentaire over Amerikaanse pleegouders en de organisatie die daar (letterlijk en figuurlijk) achter zit.

Van adoptie is veel bekend, maar ik heb het idee dat men vaak vergeet wat pleegouders en -familie allemaal doen. Nu zal het in Nederland vast wel (iets) anders zijn, maar voor iemand die wel eens in contact komt met uithuisplaatsing, ruzie met pleeggezinnen en dergelijke vond ik het interessant genoeg om over de landsgrenzen te kijken.

Mooi van deze documentaire vond ik dat de toon heel neutraal blijft (geen “alles is kut” noch “dit is werk van engelen”), en dat alle betrokkenen aan het woord komen. Organisatie, pleegouders, pleegkinderen maar ook de rechtsorganen die er mee gemoeid zijn. Het draagt allemaal bij aan het plaatje van hoeveel (mensen)werk het is.

Verschillende casussen worden gevolgd en zo kom je zonder een spectaculair hoog tempo aan bijna twee uur film.

En het klopt: het is verre van perfect, maar zeker noodzakelijk en een verbetering van de status quo. Gegoten in een interessante vorm, (ook) voor hen die er misschien nooit mee te maken zullen hebben.

De kat en de generaal

Ze keek naar de lucht.

De kat en de generaal, Nino Haratischwili, Meridiaan Uitgevers 2019

Ik geloof dat het andere boek dat ik van deze auteur las op elk “Best of” lijstje kwam dat ik dat jaar heb opgetypt, en door deze zinsopbouw is misschien al duidelijk dat De kat en de generaal niet hetzelfde effect had. Deze keer waren het maar een schamele 700 pagina’s, maar ik denk dat ik langer over De Kat heb gedaan dan Het achtste leven.

Misschien omdat er minder geschiedenis is? De vorige keer kan ik me herinneren dat ik zoveel leerde over de landen rondom de Kaukusus, en dat ik verrast was dat ook daar het gewoon zo’n zooi is/was/was geweest. Deze keer is er minder aandacht voor geschiedenis en meer wat voor impact het op het heden heeft.

Kat is een actrice die wordt ingezet door een duister figuur om nog duistere figuren te vangen die iets naars hebben gedaan in het verleden. Het duurt enkele honderden pagina’s voordat we leren wat dat naars was: daarvoor is het vooral het leven van Kat en de duistere figuren die mogen laten zien hoe ze zich door hedendaags Berlijn bewegen.

Er waren meerdere momenten dat ik dacht van “laat maar” en alleen doorlas omdat de auteur mij eerder zo’n geweldig boek had gegeven. Helaas kwam De Kat voor mij er nooit bij in de buurt, verre van.

Kumiko, the Treasure Hunter

105 min.

Wat heb ik toch een rothekel aan de term ‘dark comedy’. Het kan twee kanten opgaan: je lacht uit ongemak want oei kunnen we daar wel grappen over maken of er is geen enkele lach; alleen wat absurde elementen die het hele verhaal sneuer maken. Dat is hier het geval.

Kumiko is een 29-jarige kantoorsufferd die graag schatten zoekt. Naar aanleiding van een video van Fargo is ze er van overtuigd dat ze in Minnesota een grote geldschat kan vinden en doet haar best om daar te komen. Soit, we liegen onszelf allemaal wel eens voor om dagelijkse frustraties te ontkennen en ontwijken, maar nergens wordt hier duidelijk wat de onderliggende motivaties zijn. Is Kumiko simpel? Begraaft ze haar eigen schatten om die te vinden? Is haar hele queeste een fantasie (dat zou een geldige reden kunnen zijn voor alleen maar de hulpvaardige mensen die ze tegenkomt)?

Mijn frustratie hier is dat het net iets meer had kunnen zijn: een drama over iemand die klem zit tussen maatschappelijke eisen en dagdromen, of een comedy over iemand die actief, bewust weigert juist mee te doen. In plaats daar van zijn er alleen maar vragen en wat zorgen voor dat meisje, ook al is het in leeftijd een volwassene.

Mijn konijn van vaderkant

De voorlaatste keer dat ik werd afgeschoten uit een kanon was toen Odelia ervandoor was gegaan met het kind.

Mijn konijn van vaderskant, Etgar Keret, Verhalen * Podium 2020

Jeetje, de tweede verhalenbundel waar ik mij mee heb vermaakt. En flink, zelfs. Met zo’n titel, en met de blurbs over hilariteit, surrealisme en andere grote woorden, had het net zo makkelijk een melige brij van ironisch-leuk-doen kunnen worden, maar neen. Het was echt vermakelijk.

Bijna elk verhaal is absurd op de één of andere manier, maar wederom zonder ooit slapstick te worden. Er zitten zelfs een paar ongemakkelijke momenten bij, zit je daar ineens te gniffelen tot het te laat is.

Elk verhaal is ook de juiste lengte, wat een compliment waard is. Geen idee meer hoe dit boek op mijn Te Lezenlijst is terechtgekomen, maar zo loopt dat ook eens goed af.

De aanslag

Ver, ver weg in de tweede wereldoorlog woonde een zekere Anton Steenwijk met zijn ouders en zijn broer aan de rand van Haarlem

De aanslag, Harry Mulisch, 1982

Toeval bestaat niet: een vriendin die vraagt – een paar uur nadat ik dit boek uit de minibieb heb gehaald – of ik eigenlijk wel eens klassiekers lees. Ik denk dat iedereen die lockdown en avondklok met de oorlog vergelijk mijn voorbeeld maar heel snel moet volgen (en zich in de tussentijd moet doodschamen).

Is er nog wel iets te vertellen over dit boek wat al niet een miljoen keer eerder is genoemd? Vier periodes in het leven van iemand die de oorlog meemaakte, er gigantische wonden oplip en door ging. Verder leefde.

Het zijn zulke andere tijden, omgevingen dat ze bijna allemaal als fictie aanvoelen. De boodschap van het verhaal, de altijd aanwezige dreiging van onheil juist verre van.

Dat het eerste boek dat ik weer eens vlot uitlees nu toch een klassieker van een mannelijke, witte auteur moet zijn; als dat geen mooie aanwijzing is om maar vooral een open blik te houden. Zoals ik zei: toeval bestaat niet.

Beschavingen

Er was een vrouw, de dochter van Ketil Platneus, die Aud de Diepzinnige heette en koningin was geweest.

Beschavingen, Laurent Binet, Meulenhoff 2020

Ik ben een grote fan van ‘wat-als’-verhalen, en Binet’s vorige was mij ook zeer positief blij gebleven, maar in dit geval leverden beiden niet wat ik verwachtte: een boek dat je niet opzij kunt leggen.

Deze keer gaat het om kolonisatie en dan vooral van Midden- en Zuid-Amerika. Wat als Europeanen dat niet was gelukt, en de Inka’s deze kant op waren gekomen? Een flinke ‘wat-als’, en op deze manier eens de bekende geschiedenis bekijken: prima ja graag.

Het eerste dat mij stoorde was de aanwezigheid van de auteur, die heb ik er nooit graag bij. Daarna zwalkte de toon soms naar geschiedenisdocent in plaats van roman; encyclopendieën lezen nu eenmaal minder lekker weg.

Tot slot, al is dit zeer persoonlijk, vind ik het jammer dat er maar een klein tijdbestek is ingezet. Hoe had dit impact op gouden eeuwen, de VOC, Noord-Amerika en andere continenten? Wanneer ging het mis, als het mis zou gaan?

Dit voelde vooral als een opzetje dat Michael Bay of Mel Gibson gaat gebruiken voor een verfilming in weinig meer dan naam zodat er veel bloed kan vloeien. Amalfi (Italië) zal ze vast verwelkomen voor mooie plaatjes.

De paradox van geluk

Voorjaarssneeuw, holten in de grond verstild tot witporseleinen kommen.

De paradox van geluk, Aminatta Forna, Nieuw Amsterdam 2018

Van sommige boeken is het makkelijk onthouden dat je ze hebt uitgekozen door een recensie, zeker als dat recent is gebeurd. Jammere in dit geval is dat ik niet weet wat mij aanstond in die recensie om dit boek te kiezen, en dat ik na het lezen van het boek nog steeds niet weet waarom die recensie schijnbaar zo positief was.

Het flauwste is dat dit boek niet slecht is: het is niet slecht geschreven, naar of saai. Er zijn elementen die het echt op hadden kunnen trekken naar een boek dat je de adem beneemt en je helemaal toegewijd maakt aan de levens van de hoofdpersonen. In plaats daarvan is de stijl zo koeltjes, de karakters zo passief dat het allemaal maar kabbelt.

En dat met een Amerikaanse die in Londen is gaan wonen om stadsvossen te onderzoeken. Een man die jarenlang in oorlogsgebieden heeft gewerkt met psyche en nu in Londen verschillende draden probeert op te pakken en aan andere eindjes te knopen. Een vermist kind, de verschillende klassen in de stad en de angst van de mens van ‘wilde natuur’. Er zijn verschillende onderwerpen en vraagstukken die interessant zijn en tot denken aanzetten, maar dan alweer uit beeld worden geschoven of halfhartig worden afgehandeld.

Niet elke auteur kan meerdere plots even succesvol jongleren en overeind houden. Als Aminatta Forna (of haar redacteur) wat duidelijker keuzes had gemaakt, hadden we de diepte in gekund. Nu is er alleen gedobber, met wat schouderophalen.

Dirty God

104 min.

Sommige titels onthoud je wel, maar je vergeet waarom je ‘m onthoudt. Met Dirty God wist ik het snel weer: de actrice heeft zichtbare brandwonden en dat was Nogal Een Ding toen de film uit kwam. Gezonde, slanke acteurs krijgen awards wanneer ze obees of gehandicapt doen voor een rol, maar de gehandicapte acteur krijgt maar weinig kans.

Enfin.

In de film zijn de brandwonden door zuur, een gebaar van een jaloerse vriend. En terwijl de kijker (deze dan) er snel aan went, kan Jade zich er niet bij neerleggen. Haar dochtertje schrikt van haar gezicht, ze wordt op straat beledigd en de leuke man die haar ook leuk vindt, kiest toch maar voor haar vriendin.

Dit alles moet opgelost worden met cosmetische chirurgie, al vinden haar artsen dit niet nodig. Marokko biedt een goedkope optie, maar dan weten we ondertussen al dat niets rechtlijnig is in het leven van Jade.

Dat betekent niet dat ze het niet blijft proberen, waardoor die lijnen wel geschapen móeten worden. Jade en haar pijnlijke geboetseer maken de film, waardoor ik ook gelijk het allerbeste voor haar acteur wens.

De laatste dagen van Emma Blank

89 min.

Er is helemaal niks met de hapsnap-films die je vermaken zolang ze duren en je vervolgens bent vergeten voor de aftiteling voorbij is. There’s a time and a place, enzo. Maar soms is een film die je een paar uur later nog laat fronzen of giechelen ook wel heel fijn.

laatste dagen vanHet mooie van deze film is dat elke paar minuten iets onthuld wordt waardoor je (zenuwachtig) moet lachen, maar het stopt zodra je het gaat verwachten. Wat is er hier dan wel aan de hand, en waarom weigert de film het makkelijk uit te leggen?

Emma Blank is een naar mens dat stervende is, en in haar huis door haar personeel wordt bediend (soort van). Het zijn de regelmatige onthullingen waardoor de film geen family epic blijkt maar meer een ..absurde samenscholing van clichés die in zo’n verhaal voorkomen? Misschien?

De karakters maken het er ook niet makkelijker op, afwisselend in irritant en meelijwekkend. Ook dat draagt bij aan het gevoel van vervreemding, hoor je bij een verhaal niet op z’n minst één iemand willen steunen?

En zo zit ik alweer te glimlachen door deze verzameling vreemde, nare vogels.

De laatste dagen van Emma Blank, Graniet Film 2009

Momo en de tijdspaarders

Lang, lang geleden, toen de mensen nog heel andere talen spraken, waren er in de warme landen al grote en prachtige steden.

Ten eerste vraag ik me af waarom Engelse titels veel meer woorden een hoofdletter geven dan Nederlandse. Toen realiseerde ik me ik dacht dat de auteur Michiel en niet Michael heette.

Tot slot sta ik er bij stil hoe kinderboeken soms betere, duidelijker boodschappen geven dan so called volwassen boeken. Het is hier simpel: wat gebeurt er als tijd letterlijk als geld wordt afgeschilderd? Er is geen ruimte meer om te leven, want dingen kunnen altijd sneller en al het ‘onnuttige’ wordt verwijderd. Inclusief plezier, liefde en rust. Steek die maar in je zak.

Daarnaast is er een vreemde eend in de bijt als hoofdpersoon om te laten zien dat het niet allemaal volgens de norm hoeft, en een grote liefde voor verhalen tellen, vrij spelen en zelf uitzoeken wat je leuk vindt, wat kan en wat mag.

Oh, en dan ook nog even een filosofische dip richting het gebied van hoe de hemel er uitziet en wat tijd voor invloed er op heeft.

Kom daar maar eens mee in een volwassen roman.

Momo en de tijdspaarders, Michael Ende, Lemniscaat 1975