Ernest et Celestine

79 min.

Wat een zalig, mooi getekend en grappig filmpje. Met een rebellerende muis en een knorrige (ook wel rebellerende) beer maakte ik me een beetje zorgen dat het een heel kinderlijk en daardoor kinderachtig filmpje zou zijn, maar neen.

In een wereld van beren en muizen (die elkaar niet mogen) is Ernest een slampamper en Celestine een lastpost die te veel vragen stelt en niet hard genoeg werkt. Ze vinden elkaar door zijn honger (fysiek) en de hare (naar meer in het leven). En tanden, maar dat legt de film wel uit.

Misschien lijkt het alleen maar getekend, maar dan nog is het weer eens een animatie die stukken vriendelijker is voor het oog dan het felle platte dat tegenwoordig zo de standaard is. Het draagt ook bij aan hoe hartverwarmend en zacht dit verhaaltje en film is. Ondanks alles is het niet mierzoet en zitten er genoeg kleine grapjes in dat meekijken makkelijk ‘voor je zelf’ kijken wordt.

De vrolijke verrader

George Blake had zich al veertig minuten in een doorgang net binnen de muren van de Londense gevangenis verscholen.

De vrolijke verrader, Simon Kuper, Nieuw Amsterdam 2021

Echt geen idee wat vrolijk is aan dit verhaal of al het verraad eigenlijk, maar dat kan ik ook gewoon gemist hebben.

Simon Kuper levert namelijk een grote berg informatie over spion George Blake die een dubbelagent (Engeland/Sovjet) was tijdens de Koude Oorlog. Het boek gaat niet alleen over Blake maar over misschien wel de beste tijd in de wereld van spionage. Als een complete leek het boek in was best een uitdaging; gelukkig waren er ook hoofdstukken die zo uit een John le Carré-boek kwamen en wat tempo en spanning toevoegden.

Tegelijkertijd blijft het bizar dat dit ten eerste non-fictie is en ten tweede nog niet eens zo lang geleden allemaal gebeurd is. Ook blijft Blake een apart figuur dat het hele verhaal allemaal net iets vreemder en daardoor aantrekkelijker maakt.

Maar wanneer hij nu vrolijk was door zijn verraad? Misschien allitereerde het te lekker om te negeren.

Comment je suis devenu super-héros

101 min.

Aardige superheldenfilm die eens niet aan Marvel of DC Comics is gebonden. Echter niet helemaal origineel – gebaseerd op een roman.

Er is mooi (gemaakt) spektakel met een leuk plotje over superkrachten als drugs en een Eenzame Detective die hier natuurlijk Iets mee te maken heeft.

Daarbovenop is er net genoeg verdieping om niet verveeld te raken maar ook niet in de lach te schieten door alle kronkels, maar vooral fijn: niet eindelijk veel vechtscènes die alleen maar tijd vreten en de kijker duizelig maken.

Dus voor hen die wel graag een beetje super wilt zien, maar op de droge, Franse manier waarop zij science fiction behandelen: dit is een heel aardig filmpje.

10 Minutes 38 Seconds in This Strange World

In the first minute following her death, Tequila Leila’s consciousness began to ebb, slowly and steadily, like a tide receding from the shore.

10 Minutes 38 Seconds in This Strange World, Elif Shafak, Penguin Random House UK 2019

Wow. Meestal schrijf ik Engels-gelezen verhalen ook in het Engels op, maar deze keer (en mogelijk het tijdstip – laat opgebleven om het uit te lezen) voelt de taal ontoereikend. Wat een mooi boek, wat een mooi verhaal terwijl er zoveel lelijke gebeurtenissen zijn. Wat een hoeveeheid liefde: voor de hoofdpersoon, haar zelfgekozen familie en ook de stad Istanbul. Wat een plaatjes, ook van de gruwelijke dingen en nare situaties. Wat een alles.

Tequila Leila is dood. Vermoord. Behalve haar laatste tien minuten mogen we ook haar leven en haar beide families – bloed en liefde – ontmoeten. Een meisje dat opgroeit halverwege de twintigste eeuw in een klein dorpje, bijna in de knop gedingest voor ze kan bloeien, en dan nog Istanbul in. Waar ze leeft, overleeft, geeft. Het zou zonde zijn om meer te vertellen, alleen erover vertellen geeft mij al de neiging om het boek opnieuw te beginnen.

Het is een fragiel sprookje, een mozaïek van een levende stad (ook iets waar ik zo van houd, de stad als personage), een ode aan eigenheid. Bovenal zo mooi, zo goed, zo sprankelend prachtig.

The Young Pope

10 x 50 minutes

The Young Pope is één van de TV-shows in mijn Netflix-lijst waarvan ik me afvraag waarom het er in staat. Jude Law is allang niet meer aantrekkelijk, Diane Keaton steunt Woody A., en het Vaticaan? De katholieke kerk? Brrr!

Ik heb de serie in iets minder dan een maand afgekeken en ben nu bezig met het ‘vervolg’: The New Pope.

Ik vind het een snertterm, maar dit is een acteursserie. Iedereen acteert zich het snot achter de ogen (in de ogen?), en het is allemaal goed, gruwelijk, gemeen (niet goddelijk, ondanks de omgeving).

Het plot? Nieuw-verkoren (” “) paus lijkt minder makkelijk te beïnvloeden en besturen dan verwacht. Verre van zelfs, wat een vervelende man. Maar ja God’s vertegenwoordiger op aarde, dus hoe kom je daar van af? Met dat gekonkel op de achtergrond als continue stroom, zijn er ook nog aflevering-lange situaties die misschien iets van sympathie voor de paus opwekken. Maar net zo vaak juist helemaal niet.

Het is geen binge-serie: ik keek nooit meer dan één aflevering per keer – het is te taai om vlot doorheen te zoeven. En ik weet ook nog steeds niet precies waaróp ik ‘t zou aanraden (al dat acteurswerk?). Maar vermaakt heb ik mij wel.

Foster

113 min.

Documentaire over Amerikaanse pleegouders en de organisatie die daar (letterlijk en figuurlijk) achter zit.

Van adoptie is veel bekend, maar ik heb het idee dat men vaak vergeet wat pleegouders en -familie allemaal doen. Nu zal het in Nederland vast wel (iets) anders zijn, maar voor iemand die wel eens in contact komt met uithuisplaatsing, ruzie met pleeggezinnen en dergelijke vond ik het interessant genoeg om over de landsgrenzen te kijken.

Mooi van deze documentaire vond ik dat de toon heel neutraal blijft (geen “alles is kut” noch “dit is werk van engelen”), en dat alle betrokkenen aan het woord komen. Organisatie, pleegouders, pleegkinderen maar ook de rechtsorganen die er mee gemoeid zijn. Het draagt allemaal bij aan het plaatje van hoeveel (mensen)werk het is.

Verschillende casussen worden gevolgd en zo kom je zonder een spectaculair hoog tempo aan bijna twee uur film.

En het klopt: het is verre van perfect, maar zeker noodzakelijk en een verbetering van de status quo. Gegoten in een interessante vorm, (ook) voor hen die er misschien nooit mee te maken zullen hebben.

De kat en de generaal

Ze keek naar de lucht.

De kat en de generaal, Nino Haratischwili, Meridiaan Uitgevers 2019

Ik geloof dat het andere boek dat ik van deze auteur las op elk “Best of” lijstje kwam dat ik dat jaar heb opgetypt, en door deze zinsopbouw is misschien al duidelijk dat De kat en de generaal niet hetzelfde effect had. Deze keer waren het maar een schamele 700 pagina’s, maar ik denk dat ik langer over De Kat heb gedaan dan Het achtste leven.

Misschien omdat er minder geschiedenis is? De vorige keer kan ik me herinneren dat ik zoveel leerde over de landen rondom de Kaukusus, en dat ik verrast was dat ook daar het gewoon zo’n zooi is/was/was geweest. Deze keer is er minder aandacht voor geschiedenis en meer wat voor impact het op het heden heeft.

Kat is een actrice die wordt ingezet door een duister figuur om nog duistere figuren te vangen die iets naars hebben gedaan in het verleden. Het duurt enkele honderden pagina’s voordat we leren wat dat naars was: daarvoor is het vooral het leven van Kat en de duistere figuren die mogen laten zien hoe ze zich door hedendaags Berlijn bewegen.

Er waren meerdere momenten dat ik dacht van “laat maar” en alleen doorlas omdat de auteur mij eerder zo’n geweldig boek had gegeven. Helaas kwam De Kat voor mij er nooit bij in de buurt, verre van.

Kumiko, the Treasure Hunter

105 min.

Wat heb ik toch een rothekel aan de term ‘dark comedy’. Het kan twee kanten opgaan: je lacht uit ongemak want oei kunnen we daar wel grappen over maken of er is geen enkele lach; alleen wat absurde elementen die het hele verhaal sneuer maken. Dat is hier het geval.

Kumiko is een 29-jarige kantoorsufferd die graag schatten zoekt. Naar aanleiding van een video van Fargo is ze er van overtuigd dat ze in Minnesota een grote geldschat kan vinden en doet haar best om daar te komen. Soit, we liegen onszelf allemaal wel eens voor om dagelijkse frustraties te ontkennen en ontwijken, maar nergens wordt hier duidelijk wat de onderliggende motivaties zijn. Is Kumiko simpel? Begraaft ze haar eigen schatten om die te vinden? Is haar hele queeste een fantasie (dat zou een geldige reden kunnen zijn voor alleen maar de hulpvaardige mensen die ze tegenkomt)?

Mijn frustratie hier is dat het net iets meer had kunnen zijn: een drama over iemand die klem zit tussen maatschappelijke eisen en dagdromen, of een comedy over iemand die actief, bewust weigert juist mee te doen. In plaats daar van zijn er alleen maar vragen en wat zorgen voor dat meisje, ook al is het in leeftijd een volwassene.

Mijn konijn van vaderkant

De voorlaatste keer dat ik werd afgeschoten uit een kanon was toen Odelia ervandoor was gegaan met het kind.

Mijn konijn van vaderskant, Etgar Keret, Verhalen * Podium 2020

Jeetje, de tweede verhalenbundel waar ik mij mee heb vermaakt. En flink, zelfs. Met zo’n titel, en met de blurbs over hilariteit, surrealisme en andere grote woorden, had het net zo makkelijk een melige brij van ironisch-leuk-doen kunnen worden, maar neen. Het was echt vermakelijk.

Bijna elk verhaal is absurd op de één of andere manier, maar wederom zonder ooit slapstick te worden. Er zitten zelfs een paar ongemakkelijke momenten bij, zit je daar ineens te gniffelen tot het te laat is.

Elk verhaal is ook de juiste lengte, wat een compliment waard is. Geen idee meer hoe dit boek op mijn Te Lezenlijst is terechtgekomen, maar zo loopt dat ook eens goed af.

De aanslag

Ver, ver weg in de tweede wereldoorlog woonde een zekere Anton Steenwijk met zijn ouders en zijn broer aan de rand van Haarlem

De aanslag, Harry Mulisch, 1982

Toeval bestaat niet: een vriendin die vraagt – een paar uur nadat ik dit boek uit de minibieb heb gehaald – of ik eigenlijk wel eens klassiekers lees. Ik denk dat iedereen die lockdown en avondklok met de oorlog vergelijk mijn voorbeeld maar heel snel moet volgen (en zich in de tussentijd moet doodschamen).

Is er nog wel iets te vertellen over dit boek wat al niet een miljoen keer eerder is genoemd? Vier periodes in het leven van iemand die de oorlog meemaakte, er gigantische wonden oplip en door ging. Verder leefde.

Het zijn zulke andere tijden, omgevingen dat ze bijna allemaal als fictie aanvoelen. De boodschap van het verhaal, de altijd aanwezige dreiging van onheil juist verre van.

Dat het eerste boek dat ik weer eens vlot uitlees nu toch een klassieker van een mannelijke, witte auteur moet zijn; als dat geen mooie aanwijzing is om maar vooral een open blik te houden. Zoals ik zei: toeval bestaat niet.