Girls For Breakfast

I’m standing on top of the water tower behind my house, thinking about my death and the inevitable bronze statue the graduating class will erect in my memory.

The amount of times I thought “is this really how boys think?” while reading this YA novel was probably staggering.  Of course, this is fiction, from another time zone and – with the Korean background of the main character – laced with race-connected details. And yet. Really?

The reader follows Korean-American Nick Parker from eight to eighteen, more or less. He’s at his graduation day, hiding away and looking back on his desperate need for popularity, girls, friendships and fitting in.

Nick’s discovery at a certain age that he is a banana, that he may think himself as white but definitely isn’t viewed as such, keeps Girls For Breakfast from becoming another navel gazing coming of age story. He doesn’t just has to deal with growing up, he has the whole different race thing going on, without his consent.

Girls For Breakfast, David Yoo, Random House Children’s Books 2005

Schroder

In dit verslag kun je lezen waar Meadow en ik sinds onze verdwijning zijn geweest.

Hoe vaak zal het gebeuren, een vader die uit wanhoop zijn kind ontvoert na een scheiding? Dat een man en een vrouw zulke vreemdelingen van elkaar worden dat ze niet meer met elkaar kunnen communiceren?

Schroder is het verslag van een vader die op een dag besluit niet genoeg te nemen met de tijd die hij met zijn dochter mag doorbrengen. In plaats van een net afscheid aan het einde van de dag, gaat hij er van door met zijn dochter, voor een ‘kleine vakantie’.

Natuurlijk gaan hier allerlei dingen aan vooraf, overgoten met een groeiende wanhoop. De hoofdpersoon schuwt het zelfbeklag niet, maar heeft ook (soms pijnlijke) momenten van inzicht waardoor het alleen maar duidelijker wordt wat voor een fouten hij heeft gemaakt.

Schroder laat zien dat het niet alleen de moeder is die emotioneel en irrationeel kan worden door een scheiding en het gemis van kinderen. Hoofdpersoon Eric is niet het meest aantrekkelijkste karakter, maar hij is wel een mens.

Schroder, Amity Gaige, Faber and Faber 2013

How To A Build A House

The world is drowning.

Wat een lief verhaal. Bitterzoet. Door de flaptekst, titel en cover had ik iets met een opgeheven vinger en veel Wijze Lessen verwacht, maar ik werd plezier verrast.

Harper’s leven gaat op haar kop als haar vader van haar stiefmoeder scheidt. Haar stiefzusje wilt niet meer met haar praten, haar stiefbroertje krijgt ze amper te zien en haar vader en stiefmoeder weigeren uit te leggen wat er mis ging. De relatie met een goede vriend verandert in iets duidelijks met seks waar ze met niemand over kan praten ..Harper is de weg kwijt. Een paar staten verder meehelpen aan het herbouwen van een door een tornado getroffen huis klinkt als een geweldige ontsnapping.

Maar ontsnappen van mensen, emoties en jezelf tegen komen is niet zo makkelijk natuurlijk. Er ontstaat vriendschap, relativisme, misschien zelfs liefde. Andermans drama wordt niet afgedaan als erger of als stok om Harper en haar zelfmedelijden/frustraties mee te slaan, het is gewoon een ander soort pijn. De leidinggevende zit vol wijsheden, maar hij blijft een mens, geen abstract prekend figuur.

Tussen love triangles en alle onwaarschijnlijke heldinnen clichés is How To Build A House een verfrissend, nuchter tienerboek.

How To Build A House, Dana Reinhardt, Wendy Lamb Books 2008

Fijne familie

Elke mogelijkheid om ons de deur uit te krijgen werd door vader met beide handen aangegrepen.

Wat een zalig boek. Ik kon mij niet herinneren hoe het op mijn Te Lezen Lijst was verschenen en ook de flaptekst was niet iets dat mij verpletterde. Het is niet eens bijzonder, hartverscheurend of wereldstoppend. Het is wel fijn.

Fijne Familie vertelt over Hugo Hoes’ familie en opgroeien. Er zijn in totaal acht kinderen, er is een manusje van alles/docent als vader en manusje van niks als moeder (ze doet weinig, iedereen is het daar mee en over eens). Dit allemaal gedurende de jaren zestig/zeventig, in een (wel) heel klein dorpje waar iedereen de Hoes familie kent.

Ik heb eerder wel gemeld dat het moeilijker is over een dun boekje dan een boekwerk te vertellen. En omdat dit niet meer en minder dan een familieverhaal is, blijft er helemaal weinig over om lof over te zingen. Hugo Hoes schrijft op een aantrekkelijke, gortdroge manier. De situaties zijn absurd zonder geloofwaardigheid te verliezen en de world building – iets waar ik zo blij van word als het goed wordt gedaan, is zalig kneuterig. Dingen zijn bijna herkenbaar terwijl ik nog niet eens bestond in die tijd.

Als ik aan ‘summer reads’ zou doen, zou ik deze aanraden voor luchtig en lekker tussendoor. Daar doe ik niet aan, dus raad ik ‘m maar gewoon aan.

Fijne familie, Hugo Hoes, Rap 2012