Een bedroefde God

Toen hij door de Veverístraat liep, moest hij denken aan tante Hrbácková.

Extra tekens niet toegevoegd, excuses aan de Tsjechische taal. Na Het achtste leven (voor Brilka) had ik een honger voor meer Oost-Europese verhalen; natuurlijk is dat een grote paraplu maar het is een nieuwe invalshoek die ik graag invul.

Niks tegen Kratochvil, maar dit was niet de volgende Het achtste leven. Ten eerste was het verhaal stukken korter en waren er minder personages: soort van twee, maar eigenlijk maar eentje. Het draait om familie, maar de familie is vooral een tegenstander; geen onderdeel van het verhaal.

Buitenom het plot van (licht-)criminele familie die de hoofdpersoon vooral wilt ontwijken, is er ruimte voor de stad waar het verhaal zich grotendeels in afspeelt: Brno. Parijs – voor een uitstapje – wordt ook op zo’n manier weggezet dat ze bijna meer de aandacht vragen dan het plot.

De schrijfstijl is stug en de hoofdpersoon lijkt ook niet enthousiast om zijn leven en gedachtes te delen. Hierdoor kreeg ik het gevoel dat het een koud boekje is, een kort verhaal uit een bundel die alle Tsjechische verhalen bevat, maar ik die net kwijt ben geraakt.

De begeleidende tekst vertelt dat de auteur graag op verschillende niveaus verwart. Dat is hem in ieder geval gelukt.

Een bedroefde God, Jirí Kratochvil, Uitgeverij Kleine Uil 2019